Kalasjnikov is negentig jaar
Rus had spijt van zijn AK-47
Vandaag viert Michael Kalasjnikov zijn negentigste verjaardag. Tijdens de Tweede Wereldoorlog bedacht Kalasjnikov de naar hem genoemde AK 47. Dit succesvolle automatische geweer wordt nog steeds wereldwijd gebruikt. Achteraf gezien had hij liever een mooie grasmaaier uitgevonden.
Kindsoldaten in Sierra Leone, Amerikaanse soldaten, Osama Bin Laden: het zijn allemaal afnemers van de kalasjnikov. Sinds het uiteenvallen van de Sovjetunie is het van oorsprong Russische wapen de hele wereld over gegaan.
Hoeveel kalasjnikovs er op dit moment circuleren is niet bekend, maar het aantal wordt geschat op rond de zeventig miljoen wereldwijd. Daarmee is de kalasjnikov de ongeëvenaarde kampioen van de huidige generatie automatische geweren.
De uitvinder van het wapen is een boerenzoon uit Siberië: Michail Timofeevich Kalasjnikov. Hij is geboren in 1919, vlak na de Russische revolutie. Vanaf 1936 was hij in dienst bij de staatsspoorwegen als civiel ingenieur. Twee jaar later, in 1938 ging hij in militaire dienst, waar hij zijn eerste wapenvindingen deed.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog raakte hij als tankcommandant gewond bij de slag om Bryansk, in 1941. Zo kwam het dat hij de winter van 1941-1942 in een ziekenhuis moest doorbrengen.
De legende wil, dat Kalasjnikov in dit ziekenhuis zijn beroemde wapen heeft bedacht. Hij sprak daar namelijk met andere gewonde soldaten, die allemaal klaagden over het gebrek aan vuurkracht van het Rode Leger tegenover de oprukkende Duitse oorlogsmachine. Deze gesprekken zouden hem hebben geïnspireerde tot het ontwerp van een automatisch geweer waarmee sproeivuur kon worden afgegeven, om eindelijk de Duitsers te kunnen verslaan.
Duitsland was echter al twee jaar verslagen toen hij zijn eerste ‘Avtomat Kalasjnokova’ voltooide, in 1947. Vandaar de naam AK 47. Aanvankelijk werd het wapen alleen in kleine hoeveelheden geproduceerd voor Sovjetleger, maar omstreeks 1950 begon de productie massale vormen aan te nemen. De inmiddels uitgebroken Koude Oorlog speelde daarbij een belangrijke rol.
Behalve in de Sovjetunie werd de AK 47 (of varianten daarvan) in de loop van de jaren vijftig ook gefabriceerd in China, Noord-Korea en in de verschillende Oostbloklanden. De kalasjnikov werd het infanteriewapen bij uitstek van het communistische leger.
Michail Kalasjnikov werd bevorderd tot generaal en kreeg de eervolle titel ‘Held van de Socialistische Arbeid’. In het dagelijkse leven beleefde hij echter weinig plezier aan zijn wapen. In het communistische systeem was het niet de bedoeling dat de ontwerper zelf rijk zou worden van zijn lucratieve uitvinding.
Sterker nog, het ontwerp van de kalasjnikov behoorde tot de belangrijkste staatsgeheimen van de Sovjet-Unie. Daarmee was ook Kalasjnikov zelf tot een staatsgeheim geworden. Hij mocht zo min mogelijk in de schijnwerpers staan. Daarom leefde hij zeer low profile in Siberië en kreeg hij een absoluut verbod op alle reizen naar het buitenland. De kans dat hij zou worden ontvoerd door een vijandelijke geheime dienst zou te groot zijn.
Ook na de ineenstorting van de Sovjet-Unie werd Kalasjnikov geëerd. Op zijn 75e verjaardag werd hij door Jeltsin benoemd tot generaal-majoor. Zelf is hij niet altijd even trots op zijn uitvinding. In een interview in 1997 zei hij:
'Ik heb dit wapen ontwikkeld om mijn moederland te beschermen en ik zou willen dat het gebruikt werd door verantwoordelijke strijdkrachten en niet in handen valt van criminelen.' En in 2002: 'Ik ben trots op mijn uitvinding, maar bedroefd dat het wapen gebruikt wordt door terroristen.' 'Ik had liever een machine uitgevonden die boeren bij hun werk zou helpen, een grasmaaier bijvoorbeeld.'
Nu is Michael Kalasjnikov negentig jaar. Nog altijd ontwerpt en bouwt hij technische instrumenten: jachtgeweren, maar ook een brandblusser en een tuinsproeier voor bij zijn bescheiden buitenhuis nabij Izjevsk (waar zijn wapenfabriek staat). Zijn staatspensioentje vult hij aan met de opbrengsten van zijn eigen wodkamerk: ‘Wodka Kalasjnikov’.
(Laura van Hasselt)
Reacties