Items
-
1 De belofte van onafhankelijkheid De nieuwe burgers van Nederland
-
2 De Asmat Een andere wereld
-
3 Een propagandafilm Voor de internationale reputatie van het land
-
4 Filmen in Ajam Tegen beter weten in
-
5 Een snelpartij in scene 'Report from Netherlands New Guinea'
-
6 Een oude rekening Een echte snelpartij
-
7 De afwikkeling Om causale verbanden te vermijden
-
8 Represaillemaatregelen Negenentwintig doden, negenentwintig arrestanten
- 101 Bronnen
- 102 Literatuur
De Asmat
Een andere wereld
2
Begin 1954 is de Asmat aan de beurt, een uitgestrekt moerasgebied ter grootte van Nederland aan de zuidkust van Nieuw-Guinea. Deze modderdelta wordt gevormd door de eindloop van talloze rivieren die vanuit de noordelijker gelegen bergketens uitlopen naar zee.
De Asmat is het leefgebied van verschillende Papoeastammen. Het dagelijks leven is er weinig comfortabel. De bevolking leeft van wat de oerbossen haar aanbiedt. Geklopte sago uit de sagopalmen, sagolarven, insecten, kleine amfibieën, vis en kreeft vormen belangrijke voedingsbronnen, maar het is tijdrovend werk om voldoende voedsel voor de gemeenschap te verzamelen. Zoogdieren komen nauwelijks voor in het gebied. Een klein soort tamme varkens is het enige dier dat gefokt wordt, maar deze zijn schaars en er wordt zuinig mee omgesprongen. Vervoer vindt voornamelijk plaats met prauwen, uitgeholde boomstammen. De mensen hebben weinig remedies tegen ziekten als malaria, framboesia en huidaandoeningen. Gebruiksvoorwerpen worden vervaardigd uit natuurlijke materialen als hout, bamboe en steen; voor kleding en versiering worden riet en dierlijke producten uit de omgeving gebruikt: bont van de couscous (een klein soort buideldier), veren, tanden, botten, schelpen. Maar ondanks de karige middelen van bestaan kenmerkt de Asmatter zich over het algemeen door een vrolijke, spontane en open geest.
De overeenkomst tussen de cultuur van de Asmatters en die der Nederlanders is vrijwel nihil. De Asmatters begrijpen nog minder van de Nederlanders dan de Nederlanders van de Asmatters. De stammen ontvangen de blanke indringers met argwaan, maar toch ook met nieuwsgierigheid. Zij zijn onder de indruk van de rijkdommen en vele handige gebruiksvoorwerpen die de Nederlanders hebben en willen graag leren hoe zij deze zelf kunnen verwerven. Dat maakt enige mate van contact tussen de beide tegenpolen mogelijk.
Tot het moment dat een filmploeg in dienst van de Nederlandse overheid de regio betreedt, heeft het Nederlandse bestuur zich in het gebied voornamelijk gericht op het leggen van de eerste contacten met de plaatselijke bevolking langs de uitgestrekte kuststrook en rivieroevers en in de moeilijker toegankelijke binnengebieden. De Papoeastammen in de zuidelijke regio van Nieuw-Guinea staan bekend om hun in christelijke ogen zeer onbegrijpelijke rituelen en gebruiken. Bovenaan het lijstje ongerijmdheden staan koppensnellen en kannibalisme. Het Nederlandse bestuur stelt zich in het ontoegankelijke gebied als belangrijkste taak om deze twee rituelen uit te bannen. Maar dat is een bijna onmogelijke opgave, want het snellen van mensenhoofden en bij sommige stammen het opeten van de lichamen is verweven in het gehele gedachtengoed. Onder andere de huwelijkstradities staan op het spel, want volgens de Asmatse ‘adats’, de plaatselijke gewoonten en gebruiken, kan een jonge man niet eerder trouwen dan dat hij een kop heeft gesneld om zijn mannelijkheid te bewijzen aan zijn aanstaande.
Medische campagnes, zoals het inenten van hele dorpen tegen de gevreesde en veelvuldig voorkomende ziekte framboesia, zijn vaak een goede binnenkomer bij de bevolking. Het ruilen van bijlen en tabak voor verse eetwaren en kunstvoorwerpen, de belofte dat er te zijner tijd een schooltje in het dorp zal komen om te leren hoe de westerlingen aan hun rijkdom en welvaart komen, vormen voorzichtige verkenningen over en weer. Tijdens de patrouilletochten nemen de bestuursambtenaren tevens de koppen in beslag die zich in dorpen bevinden, vaak ongeacht of deze van voorouders of van gesnelde vijanden zijn, met de mededeling dat er onder het nieuwe bewind niet meer gesneld mag worden.
De Asmatters zijn over het algemeen zeer onwillig om hun schedels af te staan. Schedels van voorouders dienen vaak als hoofdkussen, hetgeen ongetwijfeld een gevoel van intimiteit en bescherming tijdens de nachtrust moet hebben gegeven. Schedels van vijanden hangen als trofeeën aan de zolderingen van de mannenhuizen. De schedels vertegenwoordigen de kracht van de stam en van de individuele mannen. Vermoedelijk heeft het bestuur nooit echt bedacht dat zij met de inbeslagname van de koppen ook symbolisch de stamleden hun krachten ontneemt, hetgeen de gezagsverhoudingen tussen de stamleden en de stammen onderling danig moet hebben ondermijnd. Voor de westerlingen is het gebruik van menselijke resten voor huishoudelijke en rituele doeleinden domweg onverteerbaar.